Dubbele ongelijkheid door eigen bijdrage detentie

coins (flickr final gather)

[This blog post appeared in English on Leiden Law Blog: Letting offenders pay]

In de discussie over de eigen bijdrage voor gedetineerden zijn al verschillende argumenten genoemd die pleiten tegen invoering van de maatregel. Een van de bezwaren is dat het leidt tot rechtsongelijkheid: 16 euro per dag in detentie raakt gedetineerden met een zwakke financiële positie harder dan meer welvarende gedetineerden.

Betalingsregeling

De regering erkent in de Memorie van Toelichting dat een groot deel van de gedetineerden een zwakke financiële positie heeft: cijfers van het WODC laten zien dat ongeveer 70 procent van de gedetineerden bij aanvang van detentie al (forse) schulden heeft. De regering zegt rekening te houden met de inkomenspositie van ex-gedetineerden door de mogelijkheid van een betalingsregeling dan wel uitstel van betaling te bieden. Maar uitgangspunt is dat iedere gedetineerde betaalt – de verjaringstermijn voor inning kan zelfs worden verlengd – en dus dat de eigenbijdrageregeling tot rechtsongelijkheid leidt, zoals ook Reclassering Nederland vaststelt.

Maar een meer fundamenteel punt wordt in de discussie nog over het hoofd gezien: bepaalde groepen hebben meer kans om in de gevangenis te komen dan andere groepen, en dat wordt niet enkel bepaald door het gepleegde delict.

Ongelijkheid in kans op gevangenisstraf

Onderzoek (in opdracht van de Raad van de Rechtspraak, uitgevoerd door collega’s van de Universiteit Leiden) laat zien dat daders met een niet-Nederlandse achtergrond vaker een gevangenisstraf krijgen opgelegd en dat hun celstraffen langer zijn, vergeleken met daders van Nederlandse afkomst die vergelijkbare delicten hebben gepleegd. Als het zo is dat een (op zichzelf) irrelevante factor als etnische afkomst meeweegt in de strafoplegging, is het dan te rechtvaardigen dat daders moeten betalen voor hun gevangenisstraf?

Deze ongelijkheid in straftoemeting wordt deels verklaard door verschillen in werkstatus en financiële situatie van daders. In een eerdere blogpost legde ik uit waarom het problematisch is dat rechters rekening houden met of daders werk hebben of niet: door werkloze daders celstraf op te leggen, wordt hen de kans wordt ontnomen om aan het werk te gaan. Daar komen dan mogelijk nog de kosten voor detentie bovenop. Daders van niet-Nederlandse afkomst en zonder werk worden met de eigenbijdrageregeling dus dubbel benadeeld: ze kunnen niet werken en moeten de kosten van detentie dragen terwijl ze geen fatsoenlijk inkomen hebben.

Vicieuze cirkel?

We weten op dit moment niet waar en waardoor ongelijkheid in straffen precies ontstaat: bij de rechter, of bij eerdere beslissingen van politie (etnisch profileren?), reclassering of OM. Als etnische afkomst een rol speelt bij beslissingen dan gebeurt dat waarschijnlijk niet bewust. Verschillen in strafoplegging op basis van werkstatus is wél een bewuste afweging, maar hierover lijkt dan weer geen discussie te zijn.

Zolang er niet meer duidelijkheid en discussie is over verschillen in straffen zou moeten worden afgezien van een eigen bijdrage voor gedetineerden. Een vicieuze cirkel van klassenjustitie moet zoveel mogelijk worden voorkomen.

Photo by final gather on Flickr

What do you think?

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s